Death Valley NP

 

We zijn vandaag eens iets later opgestaan, na al die dagen vroeg opstaan. Na ontbijt en alles weer klaar maken voor vertrek, zijn we om ongeveer 10:00 uur vanaf de camping KOA-Lake Isabella gaan rijden. Vandaag gaan de de hetelucht oven van de VS eens bekijken, Death Valley NP.

 Vandaag werd dus ook de dag dat we voor het eerst kennis gingen maken met de woestijnomgevingen in amerika. Onderweg veranderde het landschap al snel. (zie foto) Een echt ruig landschap zoals je alleen in sommige films ziet. (en we rijden er nu zelf doorheen, wauw)  We wisten dat in deze streek ook de beroemde Josuha-tree groeide, dus die moesten we vanzelf een keer tegen komen. En dat gebeurde ook. Langs de weg naar Death Valley staan hele velden van deze bizarre, maar mooie boom. Bij een mooi exemplaar gestopt om een foto te maken. (gewoon op de weg want op zo'n kaarsrechte weg zie je iedereen al tijden van te voren aankomen, dus dat kon best even) (zie foto)

 Daarna weer snel verder. Om Death Valley te bereiken moet je eerst door de bergen heen die Death Valley omsluiten. De eerste bergrug was een beetje ouderwets bergrijden. De tweede berg waar je over moet is heel anders. Het is geen bergrijden wat je doet, maar je rijd over een lange rechte weg (met slechts enkele flauwe bochten) die kilometers achterelkaar omhoog gaat en daarna weer kilometers naar beneden. Onderweg naar beneden doemt dan Death Valley op.

 

Ons hoofddoel in Death Valley is natuurlijk Badwater. Het laagste punt in de Verenigde Staten. Onderweg naar Badwater hebben we de vele interessante bezienswaardigheden bekeken die Death Valley rijk is. Als eerste kwamen we langs het plaatsje Stovepipe Wells, (nouja, plaatsje. Een paar gebouwen bij elkaar, meer niet) waar we de noodzakelijke souveniers aangeschaft hebben. (moet natuurlijk ook gebeuren)

Daarna weer verder. Het eerste interessante fenomeen waren de zandduinen. (zie foto) Die leken inderdaad zoals je zal vermoeden erg op van die, door de wind opgeblazen, duinen in de Sahara woestijn. Toch ook wel leuk om eens zelf te zien. Na met een rotgang langs het Furnace Creek visitors centre gereden te zijn, (hadden we geen zin in) draaiden we iets later Badwaterroad op. Op de route van Badwaterroad was Artist Drive het eerste wat we wilde gaan bezichtigen. Artist Drive is een gebied in de rotsen waar je de mooiste kleuren te zien krijgt, waaronder allerlei pastelkleuren. Helaas de weg die er naartoe loopt is afgesloten voor voertuigen die langer zijn dan 25ft. (en laat onze camper nu net 30-31ft. zijn) Dus dat ging mooi niet door, want te voet is die afstand niet te doen. Zeker niet in die hitte. We hebben het dus moeten doen met foto's vanaf de Badwaterroad. (zie foto's onderaan de pagina) Verderop kwamen we langs de Devils Golfcourse, maar die gingen we onderweg terug bekijken.

Dan maar weer verder naar Badwater. (zie foto) Daar aangekomen zijn Daniel, mams en ik ook even de zoutvlakte opgelopen. (paps bleef in de camper, want die kan echt heel slecht tegen de hitte, dus dat was maar beter ook, want het was bijna niet te harde daar) Natuurlijk moesten we even proeven of het wel zout was. Dat was het zeker. De informatieborden gaven al aan dat het gewoon tafelzout was zoals we allemaal thuis hebben staan. Van dichtbij zie je heel duidelijk de manier hoe de zoutkristallen opgebouwd zijn. (zie foto's onderaan de pagina) Toen maar weer snel naar de camper om wat vocht tot ons te nemen, want je merkt gewoon dat je veel vocht verliest. (terwijl het nog niet eens extreem heet was) Het klopt overigens wat mensen zeggen. Je stapt de camper uit en het lijkt wel of er iemand constant met een föhn in je gezicht staat te blazen. Best bizar.

Het werd toen langszaam tijd om een slaapplaats te zoeken. Onderweg terug zouden we de Devils Golfcourse gaan bekijken, maar na 50 meter op het gravelpad er naartoe zijn we maar weer achteruit gereden, want de hele camper werd compleet door elkaar geschud. Met een gewone auto is het heus goed te doen, maar met een grote camper als de onze niet. Onderweg terug over Badwaterroad zijn we nog wel even gestopt om een kijkje te nemen in de Golden Canyon. (zie foto) Deze canyon laat heel mooi zien hoe door natuurgeweld een landschap gevormd kan worden. Na dit bijzondere stukje Death Valley besloten we (i.v.m. de hitte) een slaapplaat buiten Death Valley te zoeken. We reden via de Oost ingang van Death Valley de staat Nevada binnen (ja, onze eerste 'crossing of a stateline') om in het plaatsje Beatty bijde lokale Motel-6 terecht te komen. (we besloten om eens een kamer in het motel te nemen, omdat die internet toegang hadden in de kamer en we al enkele dagen geen website updates hadden kunnen uploaden). Ook eens slapen in een echt bed is natuurlijk niet echt rot. Tot zover deze dag. (vergeet niet de foto's hieronder nog te bekijken)

 

Groeten,

Alex